Volkshuisvesting & woningbouw
In het kort
?
Dit is een geautomatiseerde samenvatting van wat er speelt op dit dossier, gebaseerd op de blokken hieronder: coalitieakkoord, wetgeving, Kamerbrieven, commissieverslagen, financiering en koepel-standpunten. Verifieer belangrijke passages altijd via de originele bron.
Gemeenten ontvangen in 2026 € 77,7 miljoen uit de achtste tranche van de Woningbouwimpuls voor 16 projecten, waarmee circa 13.000 woningen gerealiseerd worden, waarvan ongeveer 69% in het betaalbare segment.1 Minister Boekholt-O’Sullivan benoemt als knelpunt dat onderuitputting van woningbouwmiddelen mede wordt veroorzaakt door afhankelijkheid van gemeentelijke en marktpartijen; de Realisatiestimulans wordt ingezet om dit te verminderen.2 In debatten domineren thema’s als versnelling van procedures, de effectiviteit van de Wet betaalbare huur en het tegengaan van uitponding en tijdelijke huurcontracten.3 Voor gebiedsgerichte maatregelen woningbouw is vanaf 2026 € 877 miljoen beschikbaar.4 De Kamer spreekt zich binnenkort uit over het ontwerpbesluit tot modernisering van projectsteun aan woningcorporaties.5
Verantwoordelijk
?
De bewindspersoon (of -personen) die verantwoordelijk zijn voor dit dossier — bepaald op basis van hun portefeuille bij het huidige kabinet en betrokkenheid bij recente Kamerstukken op dit onderwerp.
Coalitieakkoord
?
Citaten uit coalitieakkoorden die dit onderwerp raken. Zowel het huidige coalitieakkoord als eerdere akkoorden voor context. Klik op een citaat om het in de originele PDF te bekijken.
Toon alle 8 passages (+5) ▾
Historische context: 14 passages uit 2 eerder akkoorden ▾
Financiën
?
Financiële posten die naar gemeenten stromen of gemeentelijke uitvoering raken. Bovenaan een samenvatting waarin bedragen klikbaar zijn: klik brengt je bij de bron. Onder de samenvatting vind je alle onderliggende posten met per post een screenshot uit de originele PDF. Bronnen: mei- en septembercirculaire van het gemeentefonds, Kamerbrieven en begrotingsdocumenten.
Voor de volkshuisvesting en woningbouw is er een jaarlijks beschikbaar budget van circa € 100 miljoen voor de Woningbouwimpuls, waarvan in 2026 een tranche van € 77,7 miljoen is toegekend aan 16 aanvragen. Na deze achtste tranche blijft er nog circa € 44 miljoen beschikbaar binnen dit programma. Daarnaast ontvangen gemeenten een realisatiestimulans van € 7.000 exclusief btw per betaalbare woning waarvan de bouw start. Voor de oprichting van het Fonds Coöperatief Wonen is vanaf 2026 een subsidie van € 60,6 miljoen beschikbaar gesteld. Verder is het budget van de Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen in 2025 met circa € 13 miljoen opgewaardeerd.
📎 Alle 10 posten met bron ▾
Openstaande toezeggingen
?
Toezeggingen die de bewindspersoon in de Tweede Kamer heeft gedaan en die nog openstaan. Klik op het nummer voor de officiële detailpagina op tweedekamer.nl. Waar mogelijk staat een deadline-chip; ⚠ betekent dat de deadline verstreken is.
- TZ202510-022 ↗⚠ Deadline verstreken (31 mrt 2026)De Kamer ontvangt in Q1 2026 een brief over volkshuisvesting in het Caribisch gebied.Keijzer, M.C.G. · Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, 4e viceminister-president
- TZ202606-025 ↗⚠ Deadline verstreken (1 jul 2026)De minister komt voor de zomer met een contourenbrief over de middenhuur.Boekholt-O’Sullivan, E.F. · Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Beleidsbrieven
?
Brieven van bewindspersonen aan de Tweede Kamer die dit onderwerp raken, sinds de start van kabinet-Jetten. We hebben voor dit tijdsvenster gekozen omdat bij iedere kabinetswissel de politieke verhoudingen weer anders liggen, en fracties andere opvattingen kunnen hebben wanneer ze wisselen van oppositie naar coalitie of andersom.
Het kabinet zet de Actieagenda STOER voort om woningbouw te versnellen door regels te schrappen, procedures te vereenvoudigen en samenwerking te versterken, met concrete maatregelen zoals kosteloze digitale NEN-normen, verlaging van geluidproductieplafonds en verlenging van onderzoeksgeldigheid. Daarnaast werkt het kabinet aan landelijke normen voor water en archeologie en onderzoekt het financieringsmogelijkheden voor snellere bouwstart.
De minister erkent dat onderuitputting bij woningbouw mede komt door afhankelijkheid van gemeenten en ontwikkelaars en introduceert de Realisatiestimulans om dit te verminderen. Bij dreigende onderuitputting worden regelingen aangepast of middelen verschoven binnen begrotingsregels. Verplichtingenbedragen worden met zorg vastgesteld en toekomstige veegbrieven informeren over grote slotverschillen bij uitgaven en verplichtingen. De Woningbouwimpuls wordt vanaf 2026 jaarlijks in het voorjaar geopend met vaste budgetten, om aanvragen beter te spreiden en onderuitputting te voorkomen.
Het ontwerpbesluit wijzigt het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 om de projectsteun te moderniseren. De Kamer krijgt de mogelijkheid om zich uit te spreken over het ontwerpbesluit voordat het aan de Raad van State wordt voorgelegd. De termijn voor adviesverlening wordt verlengd tot 15 september 2026 vanwege het zomerreces.
De minister kent voor de achtste tranche van de Woningbouwimpuls €77,7 miljoen toe aan 16 projecten, waarmee ruim 13.000 woningen worden gebouwd, waarvan circa 69% betaalbaar. Voor de tweede tranche van de Woningbouwversnelling Metropoolregio Eindhoven worden 3 van 4 aanvragen gehonoreerd met ruim €4 miljoen, goed voor circa 300 woningen, waarvan 70% betaalbaar. Het aanvraagloket voor de negende tranche van de Woningbouwimpuls opent naar verwachting op 15 september 2026.
De Beleidsagenda Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening voor Caribisch Nederland wordt verlengd tot 1 januari 2027 om lopende maatregelen verder uit te voeren, met een geactualiseerde agenda gepland voor 2027–2030. De pilot Hypotheekgarantie Bonaire wordt met drie jaar verlengd om meer mensen te bereiken, terwijl ook wordt verkend welke nieuwe instrumenten de toegang tot eigenwoningbezit kunnen verbeteren. Orkaanbestendige flexwoningen zijn momenteel geen rendabele oplossing voor het woningtekort op de BES-eilanden.
Er worden 100.000 woningen per jaar gebouwd om het woningtekort aan te pakken, met inzet op slimme benutting van ruimte en samenwerking tussen markt en overheid. De minister werkt aan een integrale nationale omgevingsvisie met duidelijke ruimtelijke keuzes, waaronder 9 extra grootschalige woningbouwlocaties, en zet in op betaalbare, duurzame en passende woningen met een sterke regie vanuit het Rijk. Daarnaast wordt de verduurzaming van woningen versneld en wordt de Wet versterking regie volkshuisvesting per 1 juli 2026 ingevoerd.
De minister stelt een vierde tranche van de Stimuleringsregeling Ontmoetingsruimten in Ouderenhuisvesting (SOO) open met een subsidieplafond van €40 mln om geclusterde woonvormen voor ouderen te bevorderen en doorstroming op de woningmarkt te stimuleren. Daarnaast wordt de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH) voortgezet om huurwoningen aan te sluiten op warmtenetten, wat bijdraagt aan de warmtetransitie en netcongestie beperkt.
De minister erkent dat de Wet betaalbare huur het rendement voor verhuurders verlaagt, wat heeft geleid tot een toename van de verkoop van huurwoningen door private verhuurders, met een krimp van de private huursector met circa 13.000 woningen in 2025. Het kabinet wil het investeringsklimaat verbeteren en onderzoekt vóór de evaluatie in 2027 optimalisaties van de wet om het huurwoningaanbod op peil te houden.
De minister biedt het ontwerpbesluit aan voor wijzigingen in het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015, gericht op de introductie van de beleidswaarde. De Tweede Kamer krijgt vier weken de tijd om zich uit te spreken voordat het besluit aan de Raad van State wordt voorgelegd voor advies en daarna vastgesteld. De vaststelling kan niet eerder dan 6 mei 2026 plaatsvinden.
De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening meldt dat zij op 9 april 2026 niet kan deelnemen aan het commissiedebat over verward/onbegrepen gedrag en veiligheid vanwege gelijktijdige plenaire Kamerbehandelingen over klimaatbeleid en de Wet toekomstbestendige huurcommissie. Andere betrokken ministers zullen namens het kabinet aanwezig zijn.
De minister zet in op het verbeteren van het investeringsklimaat voor middenhuur door aanpassingen in wet- en regelgeving en fiscale prikkels, met als doel het aanbod van betaalbare huurwoningen voor middeninkomens op peil te houden. Huurprijsverhogingen worden daarbij gezien als noodzakelijk om nieuwbouw en behoud van middenhuur te stimuleren, ondanks de impact op betaalbaarheid. In april volgt nadere informatie over de uitwerking van deze afspraken en mogelijke alternatieven zoals subsidies of borgstellingen.
De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening stuurt de Tweede Kamer de interim-auditrapportage 2025 van de Auditdienst Rijk over het financieel beheer van het ministerie in het eerste halfjaar van 2025. Dit rapport wordt tevens gepubliceerd op de Rijksoverheid-website.
De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening presenteert het planningsoverzicht en wetgevingsoverzicht voor 2026, met de kanttekening dat de planning kan wijzigen en aanvullende stukken mogelijk worden aangeboden. Hiermee informeert zij de Tweede Kamer over de voorgenomen beleidsstukken en wetgeving in het komende jaar.
Het kabinet richt het Fonds Coöperatief Wonen op met €60,6 miljoen subsidie om financieringsbelemmeringen voor wooncoöperaties weg te nemen, vooral voor betaalbare huurwoningen. Het fonds ondersteunt coöperatieve initiatieven vanaf de planfase en stimuleert gemeenten bij locatievoorziening en ontwikkelprocessen. Hiermee wordt coöperatief wonen als volwaardig alternatief versterkt en toegankelijker gemaakt.
De minister zet in op landelijke uitrol van doorstroommakelaars en verhuiscoaches om ouderen te helpen verhuizen, met inspanningsverplichtingen voor corporaties en gesprekken met de hypotheeksector. Sociale huurwoningen mogen niet worden gebruikt voor financieel gewin; gemeenten en corporaties krijgen instrumenten om misbruik tegen te gaan. De minister werkt aan een uniform beleidskader voor woningsplitsing om dit vergunningsvrij mogelijk te maken en bereidt implementatie van nieuwe Europese regels voor woningcorporaties voor, inclusief aanpassing van de Woningwet.
Het kabinet maakt bestuurlijke afspraken met regio’s over de inzet van €2,5 miljard voor bereikbaarheid van nieuwe woningen en €877 miljoen voor gebiedsgerichte woningbouwmaatregelen in grootschalige woningbouwgebieden. Voorbeelden zijn de planstudie voor spoorverbetering langs de Oude Lijn en de ontwikkeling van Groot Merwede en Rijnenburg met tienduizenden woningen en arbeidsplaatsen. De aanpak sluit aan bij de Ontwerp-Nota Ruimte, die nationale regie op ruimtelijke ordening herbevestigt en inzet op samenwerking met regio’s via de NOVEX-aanpak.
De minister past het gebiedsbudget voor grootschalige woningbouw aan met een kasschuif om beter aan te sluiten bij het uitgavenpatroon van gemeenten, zonder vertraging in woningbouwplannen. Daarnaast wordt structureel geïnvesteerd in randvoorwaarden zoals ruimtelijke informatie en het uitvoerend apparaat, ook door herbestemming van middelen, om de woningbouwproductie te ondersteunen en te versnellen. Flex- en transformatiewoningen worden naast reguliere sociale woningen gestimuleerd, mede vanwege hun bijdrage aan de huisvesting van statushouders en kostenbesparing.
De minister zet in op snelle inwerkingtreding van de Wet versterking regie volkshuisvesting om de woningnood aan te pakken, met instrumenten voor sturing op aantal, locatie en doelgroep van woningen. Een novelle repareert juridisch onhoudbare amendementen, waaronder het schrappen van een verbod op urgentie voor vergunninghouders vreemdelingenwet en het afschaffen van een niet-effectieve fatale beslistermijn voor bouwvergunningen. Het bijbehorende besluit bevat kaders voor het bouwen van 100.000 woningen per jaar, waarvan 2/3 betaalbaar en 30% sociale huur, met maatregelen voor versnelling en vergunningvrij bouwen van mantelzorgwoningen.
De minister meldt bij de Slotwet 2025 overboekingen naar het Btw-compensatiefonds voor diverse woningmarkt- en ruimtelijke ordeningsregelingen. Uitgaven voor flexwoningen en het project Zuiderhage worden met respectievelijk €6 mln. en €11 mln. verlaagd door vertragingen. Ontvangsten dalen door vertraagde plaatsingen en administratieve afhandeling, met een verschuiving van circa €10,3 mln. naar 2026.
De minister bevestigt dat de Woningbouwimpuls sinds 2020 al 232.876 woningen financieel heeft ondersteund, vooral betaalbare, en benadrukt het belang van deze bijdrage voor het realiseren van betaalbare woningbouw. Vanaf 2026 wordt de Woningbouwimpuls vernieuwd en versimpeld voortgezet, gericht op complexe projecten die zonder deze steun onhaalbaar zijn. Daarnaast zet het kabinet in op een samenhangend pakket van financiële instrumenten, waaronder de Realisatiestimulans en het Gebiedsbudget, om woningbouw breed te ondersteunen.
De minister rapporteert over de voortgang van het volkshuisvestingsbeleid, met focus op woningbouw, betaalbaarheid, verduurzaming en leefbaarheid. Er wordt gewerkt aan het wegnemen van belemmeringen, zoals natuurvergunningen, en aan initiatieven als de Realisatiestimulans om kleinschalige woningbouw te versnellen. Het kabinet zet in op zowel kleine woonlocaties als grootschalige bouw om het woningtekort aan te pakken.
Provincies, gemeenten en corporaties realiseren sinds 2022 315.000 woningen, maar met gemiddeld 84.000 per jaar blijft de productie achter op de doelstelling van 100.000 woningen. De minister zet in op het versnellen van bouwprojecten door knelpunten als stikstof, netcongestie en ambtelijke capaciteit aan te pakken, samenwerking via versnellingstafels te versterken en gemeenten te stimuleren plancapaciteit sneller 'hard' te maken.
De minister nodigt de commissie Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening uit voor een kennismakingsbijeenkomst op 17 december 2025, waarin het ministerie haar werkzaamheden en samenwerking met de Kamer toelicht. Kamerleden worden geïnformeerd over de mogelijkheden om gebruik te maken van de kennis en expertise van ambtenaren. Na een gezamenlijke lunch volgt een informele kennismaking met de bestuursraad en actuele VRO-onderwerpen.
Het Besluit Woningbouwimpuls 2020 wordt gewijzigd om de begrippen betaalbare woningen te actualiseren en de delegatie van criteria voor toekenning aan te passen. Het besluit treedt in werking op 1 januari 2026.
De minister benadrukt dat volkshuisvestingsbeleid primair een nationale verantwoordelijkheid blijft, maar ziet meerwaarde in Europese samenwerking om innovatieve bouwmethoden te stimuleren en regelgeving te vereenvoudigen. Hiermee wil zij de woningbouw versnellen en betaalbaarder maken.
Het kabinet biedt het onderzoek naar het investeringsklimaat voor middenhuurwoningen aan en verkent beleidsopties om dit te verbeteren. Voor het einde van het jaar volgt een Kamerbrief met de belangrijkste bevindingen. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de ministeries van Volkshuisvesting en Financiën.
De minister kondigt aanpassingen aan de Wet betaalbare huur die onder meer de WOZ-waarde zwaarder laten meewegen, minpunten voor woningen zonder buitenruimte schrappen, en hogere huren voor kleine monumenten toestaan om huurwoningen beter te behouden. Tevens wordt het mogelijk voor alle studenten om een tijdelijk huurcontract van maximaal twee jaar te krijgen, wat de uitvoering vereenvoudigt en verhuurders meer flexibiliteit biedt.
Er wordt geen nieuw beleid aangekondigd in de Ontwerpbegroting 2026 van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Lopend beleid wordt met terughoudendheid uitgevoerd totdat de begroting door de Staten-Generaal is geautoriseerd. Stimuleringsmaatregelen zoals de realisatiestimulans blijven ongewijzigd.
Commissieverslagen
?
Verslagen van commissiedebatten en wetgevingsoverleggen die dit onderwerp raken, sinds de start van kabinet-Jetten. Verslagen bevatten de inbreng per fractie en de beantwoording door de bewindspersoon. We hebben voor dit tijdsvenster gekozen omdat bij iedere kabinetswissel de politieke verhoudingen weer anders liggen, en fracties andere opvattingen kunnen hebben wanneer ze wisselen van oppositie naar coalitie of andersom.
Debat over ruimtelijke ordening en de uitvoering van de Omgevingswet, met aandacht voor klimaatadaptatie, woningbouwversnelling, bezwaarprocedures en leefbaarheid van dorpen. Er ontstond spanning tussen fracties over de urgentie en aanpak van klimaatrisico’s, de balans tussen rechtsbescherming en bouwversnelling, en het belang van maatschappelijke voorzieningen bij woningbouw.
Debat over de introductie van de beleidswaarde in het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 en de gevolgen voor waardering en administratieve lasten van woningcorporaties. Fracties verschillen over de borging van consistentie en transparantie van de waarderingsmethodiek, de mate van regeldrukvermindering en de monitoring van effecten op corporatieprestaties.
Debat over het huurbeleid en de voorgestelde aanpassingen in de Wet betaalbare huur, waaronder maatregelen tegen uitponding, huurprijsopslagen en tijdelijke huurcontracten. Fracties verschillen over de effectiviteit van de wet; JA21 en SGP waarschuwen voor negatieve gevolgen voor verhuurders en woningaanbod, terwijl PVV en GroenLinks-PvdA benadrukken dat de wet huurders beschermt, maar ook pleiten voor aanvullende maatregelen zoals fiscale aanpassingen en het toestaan van tijdelijke contracten.
Debat over de aanpak van leefbaarheid en veiligheid in twintig kwetsbare stedelijke wijken binnen het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV), met aandacht voor woningkwaliteit, gezondheid, veiligheid en sociale samenhang. Fracties verschillen over uitbreiding van NPLV-wijken, toepassing van de Rotterdamwet, versterking van het middenhuursegment en het borgen van langjarige financiering en integrale uitvoering van maatregelen.
Debat over de Ontwerp-Nota Ruimte en de ruimtelijke ordening van Nederland, met aandacht voor thema’s als dubbel ruimtegebruik, woningbouwambities, natuurherstel, energietransitie, en leefbaarheid in New Towns. Fracties verschillen over de mate van ruimte voor woningbouw, integrale regie, financiële compensaties voor agrariërs, en de noodzaak van duidelijke kaders voor water, bodem en energietransitie, waarbij moties uiteenlopende prioriteiten en zorgen uitdrukken.
Debat over verduurzaming van de gebouwde omgeving en de integrale visie op de woningmarkt, waarbij de implementatie van de Energy Performance of Buildings Directive (EPBD IV), isolatie, warmtenetten en betaalbaarheid centraal stonden. Er ontstond spanning tussen partijen die pleitten voor vrijwillige, betaalbare verduurzaming zonder extra verplichtingen en fracties die juist inzetten op normering en financiële ondersteuning om investeringszekerheid en schaalvoordelen te creëren.
Debat over de wijziging van de Wet versterking regie volkshuisvesting en aanverwante wetten, gericht op het verbeteren van de regie en het stimuleren van betaalbare woningbouw. Spanningen ontstonden vooral rond de regulering van sociale huurwoningen, waarbij VVD pleitte voor minder regulering en aanpak van gemeenten die bovenwettelijke eisen stellen, terwijl GroenLinks-PvdA de noodzaak van de 30%-norm benadrukte; daarnaast was er controverse over het VVD-standpunt inzake het afschaffen van voorrang voor statushouders, met kritiek op mogelijke discriminatie en de naleving van de Grondwet.
Debat over de integrale visie op de woningmarkt, waarbij onder meer de voortgang van nationale prestatieafspraken, de rol van woningcorporaties, huurbescherming voor arbeidsmigranten en belemmeringen voor wooncoöperaties werden besproken. Er ontstond wrijving tussen fracties over de focus op sociale huur versus middenhuur, de afschaffing van de winstbelasting voor corporaties, de aanpak van stikstofbeleid en de inzet op binnenstedelijke versus buitenstedelijke woningbouw.
Gemeentelijk perspectief
?
Kernpunten uit publicaties van koepels die gemeenten vertegenwoordigen (waaronder VNG), over dit onderwerp, sinds de start van kabinet-Jetten.
Handreiking voor gemeenten en corporaties bij Wonen Eerst
“'Samen bouwen aan Wonen Eerst' is gebaseerd op bestaande kennis, ervaringen en hulpmiddelen uit verschillende regio’s.”
Wet betaalbare huur eerst evalueren voor aanpassingen
“Aedes, Woonbond en VNG roepen u en de minister op om de Wet betaalbare huur eerst tijdig te evalueren in samenhang met fiscale regelgeving en macro-economische omstandigheden, voordat er aanpassingen aan de wet worden gedaan.”
Woonalliantie werkt aan 100.000 woningen met focus op uitvoering
“De VNG zet samen met het rijk en de partners in de Woonalliantie de schouders onder woningbouw, met als gezamenlijk doel 100.000 woningen.”
Skaeve Huse zijn noodzakelijke nichevoorzieningen voor kwetsbaren
“Skaeve Huse is een noodzakelijke nichevoorziening binnen woonvormen voor aandachtsgroepen Niet iedereen kan regulier wonen.”
Rechtsbescherming daklozen onder druk door ontbreken formele besluiten
“Meer dan 60 procent van de centrumgemeenten neemt geen formeel besluit bij aanvragen voor de daklozenopvang. Dat zet de rechtsbescherming onder druk: zonder beschikking kunnen mensen niet in bezwaar of naar de bestuursrechter”
Wetgeving
?
Wetsvoorstellen die dit onderwerp raken — zowel in behandeling als aangenomen. Klik op een wetsnaam om naar de detail-pagina op tweedekamer.nl te gaan.
Dit wetsvoorstel regelt dat overheden beter kunnen sturen op waar, hoeveel en voor wie woningen worden gebouwd, met als doel de woningbouw te versnellen en urgent woningzoekenden gelijke kansen te geven. Het geldt voor het Rijk, provincies en gemeenten die verantwoordelijk zijn voor volkshuisvesting en ruimtelijke ordening. De aanleiding was dat eerdere plannen onderdelen bevatten die juridisch onhoudbaar of praktisch onuitvoerbaar bleken, zoals het verbod op urgentie voor vreemdelingen en de overdracht van vergunningbevoegdheden, waardoor aanpassingen nodig waren om discriminatie te voorkomen en de uitvoering te verbeteren. Daarnaast worden regels over voorkeursrechten op grond aangepast om eigendomsrechten beter te beschermen en tegelijkertijd woningbouw te stimuleren. Hiermee wil de overheid de regie op volkshuisvesting versterken en de woningbouwopgave effectiever aanpakken.
Dit wetsvoorstel regelt dat het Rijk, provincies en gemeenten samen meer regie krijgen over de volkshuisvesting om het grote woningtekort in Nederland aan te pakken. Het geldt voor alle overheden die betrokken zijn bij woningbouw en -verdeling, met speciale aandacht voor betaalbare woningen en kwetsbare groepen. De aanleiding is dat er te weinig betaalbare woningen zijn, bouwprojecten lang duren en de verdeling van sociale huurwoningen ongelijk is, waardoor veel mensen moeilijk aan een passende woning komen. Het voorstel zorgt voor betere afstemming, snellere procedures en duidelijke taken, zodat er sneller en evenwichtiger gebouwd kan worden.
Het wetsvoorstel Wet betaalbare huur regelt dat huurprijzen in het middensegment (huur tot circa €1.123) worden beperkt en dat de bestaande huurprijsbescherming via het woningwaarderingsstelsel (WWS) dwingend wordt gemaakt. Dit geldt voor huurders en verhuurders van huurwoningen in het lage en middenhuursegment, met als doel de betaalbaarheid te verbeteren en excessieve huurverhogingen tegen te gaan. De aanleiding is dat middeninkomens, zoals leraren en verpleegkundigen, steeds moeilijker betaalbare huurwoningen kunnen vinden door stijgende huren en een tekort aan passende woningen, vooral in grote steden. Gemeenten krijgen een rol in toezicht en handhaving, en huurders worden beter beschermd via verbeterde toetsingsmogelijkheden. Hiermee wil de overheid de woonlasten voor middeninkomens verlagen en de huurmarkt eerlijker maken.
Gerelateerde dossiers
?
Andere dossiers op beleidskern.nl met overlappende onderwerpen of ministerie.